Logo Monumententoezicht Logo Erm 0toezichtsrapportage

Erfgoedwet

Algemeen verbod ter bescherming van monumenten

Er is een algemeen verbod geformuleerd ter bescherming van monumenten: “Het is verboden om een beschermd monument te beschadigen of te vernielen of daaraan onderhoud te onthouden dat voor de instandhouding daarvan noodzakelijk is”. Deze bepaling staat niet in de Erfgoedwet zelf, maar in het overgangsrecht van de Erfgoedwet. Dus de formele grondslag voor de instandhoudingsplicht is te vinden in artikel 9.1.1. onder a Erfgoedwet jo artikel 11, eerste lid, Monumentenwet.

Vergunningplicht ter bescherming van monumenten

In de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is een vergunningplicht opgenomen ten aanzien van het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een rijksmonument. Ook het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een rijksmonument is vergunningplichtig als het wordt ontsierd of in gevaar gebracht.
Minder omvangrijke activiteiten aan monumenten zijn over het algemeen vrijgesteld van de vergunningplicht. In dat geval blijft het verboden om een beschermd monument te beschadigen of te vernielen: “vergunningvrij is dus niet vogelvrij”.

Aanwijzing van monumenten

Er zijn verschillende gebouwde monumenten: Rijks-, provinciale en gemeentelijke monumenten. Uitgangspunt is dat een monument slechts op 1 lijst voorkomt.

Aanwijzing van Rijksmonumenten
De aanwijzing van een rijksmonument is geregeld in de Erfgoedwet. De Minister kan ambtshalve een monument dat van algemeen belang is vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorisch aanwijzen.
Het Rijk houdt een register bij van de 55.000 beschermde rijksmonumenten. Via een smartphone of tablet kan op locatie worden bekeken of er sprake is van een rijksmonument. Daarvoor moet Layer op uw telefoon zijn gedownload en de GPS zijn ingesteld. Is de aanwijzingsprocedure van een monument nog niet afgerond dan heeft het een voorbeschermde status. Het rijksmonumentenregister bevat gegevens over de inschrijving en ter identificatie van de rijksmonumenten. Het nieuwe register bevat geen motivering van de aanwijzing meer. Een “redengevende omschrijving” is vervallen. Het is om die reden belangrijk telkens te beschikken over een actuele bouwhistorische verkenning. Andere bronnen, zoals een advies van de erfgoedcommissie, kan in de uitvoeringspraktijk ook behulpzaam zijn.

Aanwijzing van provinciale monumenten
De provincies Drenthe (ca. 300) en Noord Holland (ca. 600) hebben op grond van de eigen provinciale verordening gebouwen een beschermde status gegeven. Een provinciale erfgoedverordening vindt zijn grondslag in de Erfgoedwet (artikel 3.17, eerste lid).

Aanwijzing van gemeentelijke monumenten
Tot slot zijn er veel gemeenten die, op basis van een gemeentelijke erfgoedverordening, een bijzonder gebouw op de gemeentelijke monumentenlijst hebben geplaatst (landelijk ca. 41.000 monumenten). Op grond van de Erfgoedwet (artikel 3.16., eerste lid) kan de gemeenteraad een verordening vaststellen. Het college van B&W kan een gebouw tot gemeentelijk monument aanwijzen en kan bepalen dat voor het slopen of wijzigen van een monument een omgevingsvergunning is vereist. De VNG heeft in 2016 een model-erfgoedverordening gepubliceerd waarin de bepalingen zijn opgenomen rond de aanwijzing van monumenten.

Beschermde stads- of dorpsgezichten

Aanwijzing (instructie)
Beschermde stads- of dorpsgezichten zijn gebieden met groepen van onroerende zaken die van algemeen belang zijn vanwege hun schoonheid, onderlinge samenhang of wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde. Digitaal is een overzicht beschikbaar van alle aangewezen gebieden inclusief toelichting. Het Rijk kan deze gebieden op grond van de Erfgoedwet aanwijzen. De gemeente is verplicht het beschermende karakter in een bestemmingsplan vast te leggen. Vergunningaanvragen in zo’n aangewezen gebied waarvoor nog geen beschermend bestemmingsplan is vastgesteld moeten worden aangehouden.

Bescherming
De bescherming in zo’n gebied betreft niet alleen de bebouwing, maar bijvoorbeeld ook karakteristieke straatlantaarns of begroeiing. Wat er gebouwd mag worden is afhankelijk van de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt. De aanwijzing heeft niet tot doel de huidige situatie te bevriezen, maar schade aan het geheel te voorkomen. Er staan in zo’n gebied beschermde monumenten, maar niet ieder pand heeft automatisch een beschermde status. De bescherming van het gebied gaat alleen over de stedenbouwkundige structuur. Bij een beschermd monument wordt het pand en het authentieke bouwmateriaal beschermd.
Voor onderhoud van Rijksmonumenten in zo’n gebied is een omgevingsvergunning vereist, tenzij de activiteit vergunningvrij is. Bij aangewezen monumenten in zo'n gebied zijn minder situaties vergunningvrij; vergunningplichtig zijn het oprichten van bijbehorende bouwwerken, bouwwerken voor receatief nachtverblijf en dakkappellen aan voor- en zijkant. Voor niet-monumenten is, naast gewoon onderhoud en inpandige veranderingen, vergunningvrij:

  • de achtergevel of achterdakvlak veranderen als dat niet naar openbaar toegankelijk gebied is gekeerd,
  • bouwen op erf aan de achterkant van een hoofdgebouw, als dat niet ook deel uitmaakt van het erf aan de zijkant van dat gebouw en niet naar openbaar toegankelijk gebied is gekeerd.

Gemeentelijke of provinciale beschermde gebieden
Gemeenten en provincies kunnen ook beschermde stads- en dorpsgezichten aanwijzen; dat is wel afhankelijk of in een erfgoedverordening een basis is gelegd.